40 dagenpost - #dag6 wees nederig

 


Nederigheid is een mooi begrip - als je het goed verstaat. Het heeft te maken met de draden en draadjes waarmee ik verbonden ben met anderen. Mijn voormoeders en voorvaders. Met tijdgenoten en met wie na mij komt. Niet omdat ik daar het eenzame middelpunt van ben, maar omdat dat netwerk me draagt, verbindt. Dat maakt me afhankelijk. Maar ook aanhankelijk. 

Een heel dun draadje noemt Samuel Wells het. Misschien omdat het een fragiele balans vormt tussen liefde en toeval. Dat lijken tegenpolen. Maar ze zijn op elkaar betrokken als hol en bol. Of beter als eb en vloed. Ongelijktijdig, afwisselend, grillig. Dichtbij en dan weer ver af. 

Afhankelijkheid voelen. Is dat iets van genade vinden in tijden van eb. Als de zee van een anders aanwezigheid en van Gods genegenheid zich heeft teruggetrokken. Eb doet me de vloed waarderen. En het geeft ook eigen vondsten. 

Als wegvalt waarvan ik dacht het vanzelfsprekend was, juist dan ga ik beseffen hoezeer ik fundamenteel afhankelijk ben van wat me zomaar toevalt. 

En dat is ook mooi, want zo ben ik, zo ben ik echt. Ik ben schepsel, stof uit stof, humus maakt me humaan. 

Ik ben schepsel, geweven in het netwerk van wat gegeven, geschapen is. Ik heb mezelf niet bedacht al denk ik van alles. Als bij eb het hoge water zich terugtrekt, worden andere dingen zichtbaar. Dat wat de vloed bracht, maar wat onder de waterlijn bleef. 

"Je moet goed aarden", zei iemand vandaag tegen me. Ik verlang naar de zee. 

Reacties